🇮🇸 Blog 70 - Onze eerste indruk van IJsland
- 17 jan
- 11 minuten om te lezen
Bijgewerkt op: 9 feb
We waren nog maar net een paar meter van boord of we reden langs een behoorlijk strenge politiecontrole. Er stond zeker een mannetje of vijf, die ons van top tot teen in zich opnamen. Enkelen krasten ondertussen driftig iets in hun notitiesblokjes. Haha, wellicht zat er een snelle portrettekenaar tussen, zoals die bij een rechtzaak, die onze combinatie van auto en gezichten vastlegde voor het geval we er een potje van zouden maken op IJsland. Geen idee. Hoe dan ook, we werden ‘goedgekeurd’ en mochten gelukkig doorrijden.

JOEHOEEE, na deze controle voelde het pas echt alsof onze reis door IJsland was begonnen! In tegenstelling tot de vorige keer op de Smyril Line, hadden we nu geen gebruikgemaakt van het ontbijt. We hadden namelijk bedacht dat het leuk zou zijn om ons eerste bakkie koffie met een ontbijtje op een leuke spot te nuttigen in IJsland. We zouden om 9.00 uur aankomen in de haven, dus met nog een beetje speling zou dit helemaal goed moeten komen.
Mis gedacht. Alles nam meer tijd in beslag, wat betekende dat we pas om 10.30 uur goed en wel in onze auto op IJslandse bodem waren aangekomen. Met regen. Veel regen. Dus die koffie en even een ontbijtje bereiden voordat we onze route zouden vervolgen, leek in deze setting niet te mogen lukken. Gelukkig lag er een supermarkt op de route waardoor we een snelle hap konden scoren om de ‘hangry-gevoelens’ te kunnen onderdrukken.
Nieuw land, nieuwe supermarkt
Het eerste contact met de supermarkt was even wennen. Natuurlijk is winkelen met een rammelende maag sowieso geen goed idee, maar naast alle vreemde producten kon ik amper iets ‘gezonds’ vinden. Ook later, voor als ‘ons voorraadje eten’ vanuit de Faeröer op zou zijn, was dit vooralsnog niet echt de plek om vers en niet-geproduceerd voedsel te vinden. Daarnaast hebben ze op IJsland een andere munt en dus een andere valuta, die we van tevoren natúúrlijk hadden opgezocht. Niet.
Daarbij hadden we op het moment van onze aankomst nog wat problemen met ons bereik waardoor we helaas niets konden omrekenen. Handig.
Zo zag ik bijvoorbeeld een stuk kaas voor 2000 IJslandse kronen, maar dat zei mij helemaal niets. Gelukkig heb ik het laten liggen en bedacht ik op tijd dat ik alsnog voor een broodje met ons meegebrachte pindakaas zou gaan, want dit bleek achteraf omgerekend 14 euro! Ik denk dat het serieus nog geen 400 gram kaas was.
Nou is kaas natuurlijk niet echt een IJslands product, maar oef, zullen deze prijzen overal zo zijn op het eiland? Alles was op de Faeröer al een flink klappie duurder dan dat we waren gewend, maar hier kwam er nog eens een bedrag bovenop. Nou ja, wellicht is het verderop in het land wel wat goedkoper, we zullen zien!
Eerste koffie in IJsland
Na een paar boodschapjes reden we door opzoek naar een mooi uitkijkpuntje. We waren nu toch al laat met eten, dan konden we het maar beter even uitstellen tot een leuke eerste ervaring! We reden in een hele stoet van mensen die van de boot kwamen achter elkaar aan, zo de bergpas over. Een prachtige weg overigens en we zagen tijdens dit kleine stukje al de ene waterval na de andere. Ook kwam en verdween er net zo snel continu wel een regenboog. Mooi. Hoe verder we omhoog gingen, hoe meer de regen veranderde in een sneeuwbui! Natte sneeuw, dat wel, maar we keken onze ogen uit. We vergaten oprecht dat we eigenlijk inmiddels enorme trek hadden.
Op een gegeven moment gingen de meesten mensen rechtsaf en wij besloten links te gaan: story of our life. Dit zorgde er wel voor dat we vrij snel een plekje vonden waar niemand stond om ons broodje te maken. Want als je in zo’n rij van toeristen rijdt, stopt iedereen op dezelfde punten. Inmiddels was het droog en konden we ook EIN-DE-LIJK een bakkie koffie maken. Hier waren we zo aan toe! En jeetje, dit was het wachten helemaal waard. Er ontstond hierna gelijk rust in onze donder. We merkten dat de eerste uurtjes op IJsland toch even anders waren gelopen dan we van te voren hadden gedacht. Inmiddels was het de hoogste tijd om een richting te bepalen waar we heen zouden gaan. Wij zijn deze weken eigenlijk heel blanco ingegaan. De boot is aangekomen in het oosten van IJsland, dus pakken we vanuit hier eerst het noorden of toch eerst het zuiden?
Noord of zuid?
Uiteraard hebben we wel allemaal hotspots gemarkeerd op GoogleMaps die we graag wilden zien, maar daarmee was de route nog niet bepaald. Er is in principe maar 1 hoofdweg in IJsland en als je die zou blijven volgen, rijd je een rondje. Omdat wij zo snel al wat sneeuw onderweg hadden gehad, kozen wij ervoor om onze reis te starten door via het noorden te rijden. We merkten dat het nu al behoorlijk koud was en in het noorden dient de winter zich het eerste aan. Hopelijk zijn we het echte strengere winterweer op deze manier toch net elke keer een stukje voor!
Papegaaiduikers
Op de Faeröer waren we al even opzoek gegaan naar deze beestjes, maar daar hadden we ze helaas niet gespot. In IJsland is de papegaaiduiker zo’n beetje het nationale symbool. Ook al waren we nog een stukje verder van het broedseizoen afgedwaald, toch hadden wij de stille hoop om ze alsnog te mogen zien. Wie weet… je zal er nog maar net eentje treffen toch?

Met deze reden kozen we ervoor om naar ‘Borgarfjörður Eystri’ te gaan. Haha, jaaa die naam heb ik ook niet bedacht. Gelukkig zijn het letters op papier in plaats van dat ik ze uit zou moeten spreken. Zulke namen zullen de komende blogs wel vaker voorkomen. Borgarfjörður Eystri is een plek waar een van de broedplaatsen is van papegaaiduikers. Ook bleek vlak daarbij in de buurt een camping te zijn, dus zodoende ontstond onze richting beetje bij beetje.
Met het bezoeken van deze plek ga je een stukje van de hoofdweg af, dus het kost je ongeveer een uur extra heen en vervolgens ook weer terug om dit uitstapje te maken. Maar het is wederom een mooie route en daarbij hadden we alle tijd om het eiland te verkennen.
Naar de camping
We besloten eerst even een kijkje te nemen bij de camping. Er was niemand, maar de wc en douche waren open en er was ook een gebouwtje beschikbaar met een picknicktafel en een klein keukentje waar we wat konden koken. Nou, dikke prima voor de komende nacht. Waar we IJsland begonnen met een beetje miezer en sneeuw, veranderde dit langzaam in een strakblauwe lucht met een zonnetje. Boften wij even op deze eerste dag! Helemaal opgewekt gingen we naar de plek van de papegaaiduikers. Toch altijd fijn om aan zee te zijn. Het geluid maakt me rustig en het was er prachtig! We liepen naar het uitkijkpunt maar helaas, wel verwacht maar niet gehoopt, waren de papegaaiduikers er al vandoor. Gelukkig kwam ik na wat speurwerk erachter dat ze ook in andere landen hun eitjes uitbroeden in het broedseizoen, dus hiervoor hoeven we niet per se nog eens terug naar IJsland. Het verlangen om ze te zien, koesteren wij dus gewoon tot een andere keer. De hoop om ze tijdens deze reis te zien, hebben we nu wel definitief laten varen.

We keerden terug naar de camping. Deze was overigens nog steeds helemaal leeg, dus plek zat! Sinds de Faeröer kijken we niet meer naar het mooiste plekje, maar naar het meest praktische. Waarbij de wind leidend is. Helaas konden we niet echt de luwte opzoeken, maar met de neus in de wind was het redelijk te doen. Nadat we alles hadden klaargemaakt voor de nacht, gingen we lekker wat eten klaarmaken. De bbq kwam tevoorschijn waar Mark een hamburgertje op klaarmaakte en ik probeerde het binnen wat gezellig te maken. We genoten echt van ons eerste avondmaaltje op IJsland!
Koud. Kouder. Koudst.
De eerste nacht was flink wennen. En dat is dan ook wel zacht uitgedrukt. Het was best een overgang vanaf de Faeröer. Terwijl we dachten dat we het daar af en toe al behoorlijk voor onze kiezen hadden gehad, deed IJsland er nog een flink schepje bovenop. En dat tijdens de eerste nacht al. We hadden ongeveer windkracht 6, maar dit keer afwisselend met natte sneeuw en hagel. Brrrr.
Het leek soms of de natuur tegen ons zei:
“Jullie willen wonen in een Defender? Hoppaaaaa, hier voel je even wat dat inhoudt!”
Gelukkig hadden we de voorgaande twee weken al een hoop geleerd en daardoor had ik een behoorlijk voorraadje kleding in de daktent liggen. Elke keer trok ik toch weer een laagje extra aan. Ik was nu de mummie van eerder, maar dan in het kwadraad. Met daaroverheen een lekker dikke deken en plaids. Haha, ik kon me niet meer bewegen. Daarnaast zorgde Mark voor wat extra warmte die als een koala om me heen was gewikkeld. Oeioei, dit is pas het begin van onze reis door IJsland. Is dit überhaupt wel te doen als het nog kouder wordt? Ik moest mezelf echt bij kop en kont pakken om in het moment te blijven, want zodra ik mijn gedachten de vrije loop liet, sloeg de paniek toe over wat ons de komende zes weken nog te wachten stond.
Die nacht hebben we een hele hoop neerslag gehad en het positieve daarvan was: het dakraam bleek nog steeds waterdicht! Fijn, toch een genietmomentje. We merkten wel dat we, vanwege de kou, wat meer moed moesten verzamelen om ons aan te kleden en uit de tent te stappen. Maar eenmaal buiten ging het ook wel weer. Er overheerste direct een soort oergevoel zo tussen de besneeuwde bergtoppen. Wat zijn wij mensen toch eigenlijk kleine stipjes in die immense natuur.

Thuis aan de picknicktafel
We verzamelden alles voor ons ontbijt en installeerden ons binnen. Het leek eigenlijk meer op een tochtig, niet geïsoleerd tuinhuisje. Maar wij waren blij en dat dak boven ons hoofd voelde al snel als thuis! Het was er een stuk aangenamer dan in en om de auto. We waren deze ochtend met z’n tweetjes in het vervallen tuinhuisje waar we onze bananenpannenkoeken bakten. Wel grappig om te merken dat zelfs onze olijfolie was bevroren! Nog nooit meegemaakt.
Al snel kwam de schoonmaker de boel schoonmaken en we zagen hem rondlopen in jawel… een korte broek. Wel met een muts en een dikke jas aan, maar ehhhh, hoe dan? Wij oprecht half, of eigenlijk heel, verkleumd en hij liep erbij alsof het een frisse zomerdag was. Wij moesten lachen om de koude rookwolkjes die we bliezen uit onze mond, hij lachte om hoe verpakt we erbij zaten. Terwijl we ‘binnen’ waren welteverstaan! Blijkbaar heeft een lichaam het vermogen zich aan te passen aan het weer, zo krachtig is het ook wel weer. Vast een kwestie van wennen, daar hield ik me maar aan vast. Ik had niet de ambitie om uiteindelijk ook in korte broek te lopen, maar het zou wel fijn zijn dat het wat dragelijker aanvoelde.
We besloten deze dag lekker op de camping te blijven. Een beetje acclimatiseren en onze draai vinden. Zodoende haalden we er nog wat spulletjes bij zoals ons kacheltje, kleedjes en onze laptops. Waar ik aan het begin van de Faeröer nog moeite had om me te settelen in zo’n binnenruimte waar iedereen in en uit kon lopen, was dit eigenlijk alweer ons nieuwe normaal geworden. Er was toch niemand, dus we namen ook lekker de ruimte. We konden er binnen no-time een verschrikkelijke bende van maken, maar we konden gelukkig ook net zo hard met z’n tweeën rausen om het allemaal weer op orde te hebben. Wat we uiteraard deden toen er meer mensen gebruik van wilden maken.
Wil de echte campingeigenaar opstaan?
Na een fijne dag zat Mark nog lekker in het campinghuisje voetbal te kijken waar ik m’n tent al was ingekropen. Dit keer met ons kacheltje op me gericht, dat hielp enorm! Toen Mark na de voetbal ook in de tent kwam, vertelde hij dat er een man binnenkwam en tegen hem zei: “One car, 2 persons, one night!” Mark zei daarop: “Yes, that’s me!”. Die man keek hem schaapachtig aan, keerde om en verliet direct de ruimte zonder nog een woord te zeggen. Waar Mark dacht dat hij gecontroleerd werd door een campingeigenaar, dacht die man schijnbaar dat Mark de campingeigenaar was. Betalen ging op deze camping namelijk via een qr-code, dus al die tijd hadden wij nog geen beheerder gezien. Haha, ik kwam niet meer bij!
Happy
De schoonmaker kwam ook de tweede ochtend even een uurtje schoonmaken en jawel hoor, wederom in korte broek. Ik moest nog even wat uit de auto halen en sjeesde hem bibberend voorbij. Nat, koud, maar natuurlijk niet zonder een lach! Hij zei direct: “Your positivity makes me happy!” Nou, dat was nog eens een leuk compliment zo op de vroege morgen. Hij moest eens weten hoe we af en toe ook stonden te mopperen. Dat we het soms behoorlijk pittig hadden, droop er gelukkig niet van af.
Eenmaal binnen raakten we aan de praat. Hij vertelde het een en ander over IJsland. En over hoe stormachtig het weer kan zijn. Heel ‘changeable’. En vooral wanneer je het niet verwacht kan het angstaanjagend uit de hoek komen. Zo vertelde hij dat er afgelopen winter tijdens een storm een zeecontainer vol met spullen van een meter of tien lang, van de ene kant van de camping naar de andere was gesleept. Holyshit, dat was wel serieuze oerkracht!
stelde ons gerust dat het voorval in hartje winter had plaatsgevonden, maar gaf daarbij wel aan dat we waarschuwingen in IJsland echt serieus moesten nemen. Als er wordt gewaarschuwd dat je beter niet langs een klif kunt lopen, een weg in kunt rijden of als er bijvoorbeeld code geel wordt afgegeven, moet je niet denken dat het wel meevalt, maar er ook daadwerkelijk naar luisteren.
Deze rasoptimist gooide er, gelukkig met een lach, nog wat verhalen tegenaan. Hij gaf aan dat er maandelijks wel een nieuwsbericht voorbij komt waarin staat dat een toerist een situatie had onderschat en niet meer levend was teruggekomen. Leuk. Onze reis moest vanaf dit punt nog zo goed en wel beginnen.
Supermarkten niet zo super
Ook vertelde hij nog wat meer over het eten hier op IJsland. Dat kwam ter sprake omdat wij op het eerste gezicht, en in onze beleving, niet direct gezonde voeding konden vinden. Daarbij vonden we de prijzen gewoon shockerend. Gelukkig kon hij onze ervaringen helemaal beamen. Hij vertelde dat het voor toeristen echt lastig is om goede en vooral onbewerkte voeding te vinden. Voor ons de bevestiging: ‘Gelukkig, we zijn niet gek’. Hij gaf aan dat het heel anders werkt in IJsland. In elk geval wel op zulke afgelegen plekken zoals dit. Deze camping staat bijvoorbeeld in een heel klein dorp van nog geen 100 inwoners met de eerste supermarkt op een uur rijden. Je gaat dan natuurlijk niet even een vergeten boodschapje halen!
Zo gaf hij aan dat een visser zijn verse vis ruilt voor iemand die brood maakt in het dorp. En wanneer jij de herder helpt aan het eind van de zomer zijn schapen uit de bergen te halen, hoef je niet gek te kijken dat hij de dag daarna aankomt met een diep gevroren schaap (in chops), zodat jij weer een poos vooruit kunt. Ruilhandel. Verser dan vers, onbewerkt. I LOVE IT! Hier gaan wij helemaal op aan en dit zien wij ook voor ons op een eigen stukje land, ooit. Als de tijd rijp is. Voor de niet verse dingen hebben ze in het dorp een kleine buurtsuper. Maar hij vond het helemaal logisch dat wij daar niet een complete maaltijd bij elkaar konden sprokkelen. Wellicht werkt het weer anders rondom de steden, dat zullen we meemaken. In deze omgeving is het in elk geval allemaal wat meer uitgestorven, dus ze moeten wel.
Dit maakt ons supernieuwsgierig naar wat er allemaal nog komen gaat. Dit vinden wij stiekem zo ontzettend leuk: het echt opsnuiven van de cultuur en de gebruiken van een land. Uitpluizen hoe dingen werken in een nieuwe omgeving.
Onze eerste indruk van IJsland
We zijn er een soort helemaal ingedoken samen. Met een auto en daktent, in de herfst (voor ons voelde het als winter) naar IJsland. Onze reis ontstaat gaandeweg, al luisterend naar ons gevoel en onze behoeften. Zodoende zijn we uiteindelijk 3 nachtjes op deze plek gebleven. Om te landen en vooral te beseffen waar we nou weer zijn beland.
Maar, eerste indruk?
We hebben nog maar een ieniemienie stukje van IJsland gezien, maar de prachtige uitzichten liegen er niet om. Wederom vinden we de natuur hier tot nu toe fantastisch. De lokale mensen die we hebben gesproken, vonden we vriendelijk en behulpzaam. Ze vertelden vol trots over ‘hun’ land. Onze eerste indruk van de supermarkt is vast wel duidelijk, evenals de prijzen hierzo. We moesten stiekem best een beetje wennen aan het weer, maar tegelijkertijd vinden we dit juist ook de uitdaging. We gaan onze reis verder vervolgen richting het noorden.












Opmerkingen