🇻🇳 Blog 89 - Naar een uniek bergdorpje in Sa Pa
Waar ik het in m’n vorige blog nog ‘het platteland van Vietnam’ noemde, bleek het bij aankomst alles behalve plat! Haha, typisch Jess dit, ik verzin gewoon mijn eigen verhaal. We zaten volledig tussen de rijstvelden van Sa Pa, dus een kleine rectificatie hierzo. Deze plek had in elk geval een uitzicht van hadjemenou. Het was een mooie en vooral inspirerende plek zo middenin de natuur.

Maar eerst nog even terug naar de ochtend van vertrek. Op de afgesproken tijd werden we opgehaald bij het hotel waar we sinds onze start in Sa Pa hadden verbleven. De chauffeur sprak geen woord Engels, maar gelukkig wist hij precies waar hij heen moest, aangezien het een transfer was vanuit ons nieuwe hotel. We hadden online al diverse recensies gelezen dat dit verblijf behoorlijk afgelegen lag en dus met uitdagende weggetjes te bereiken was. Zelfs taxi’s reden hier liever niet. Desalniettemin keken wij helemaal uit naar een paar dagen in de onbewoonde wereld!
Geen straf
Zoals we tijdens onze research al hadden gelezen, veranderde de weg in behoorlijke hobbels afgewisseld met flinke gaten in het asfalt. Je zou oprecht je hele auto aan gort rijden als je niet zou weten wat je aan het doen was, dus wij begrepen de eerdere berichtgeving wel. Voor de transfer vanuit ons toekomstige hotel was het uiteraard gesneden koek, dus soepeltjes manoeuvreerde hij zich om alle obstakels heen.
Na een kleine 20 minuutjes rijden, werden we heel vriendelijk ontvangen door de receptioniste. Ook al was het ruim voor inchecktijd, mochten we toch al onze kamer in aangezien deze al vrij was. Hoe fijn!
Met onze eerste stap over de drempel werden we direct verast. Het bed was zo gepositioneerd dat je door de gigantische raampartij een prachtig uitzicht had over de rijstvelden. Echt fijn om na het drukke centrum van Hanoi en Sa Pa ineens zo midden in de natuur te zijn. Rust. Het was een heldere dag en het zonnetje scheen op ons balkon. Dit was geen straf.
Wel straf
Aan de receptioniste vroegen we of we in het restaurant iets konden eten waarop ze aangaf dat deze gesloten was en pas om 5 uur open ging. Ik vroeg nog of er in de buurt een ander plekje was waar we wat konden eten, maar dat bleek hier niet te zijn. Oef, error.
Het laatste wat we hadden gegeten was een Happy-New-Year-ontbijtje die ochtend in ons vorige hotel. Dat werd dus een middagje op rantsoen! Welkom in de onbewoonde wereld. Dit was behoorlijk onverwacht, want Mark had bij de reviews gelezen dat dit hotelrestaurant je van goede maaltijden kon voorzien. Juist omdat je er op deze plek van afhankelijk was.
Nou ja, verrassing!
Gelukkig hadden we nog één banaantje en zodoende moesten we ons zien te redden met beiden één helft. Sharing is caring.
Enne het uitzicht vanaf onze kamer maakte een hoop goed natuurlijk. Even die zon met open armen ontvangen!
Afspraak is afspraak
Stipt om 5 uur kwamen we aan in het restaurant. We kregen de menukaart van diezelfde receptioniste, waarna zij verdween en een jongen de bediening overnam. Hij kwam vrij snel met het nieuws dat het restaurant gesloten was en pas rond 19.00/ 20.00 uur open ging. Whaa, lekker vaag. Nu sloeg de eerdere error over in blinde paniek! En niet alleen bij mij, ook bij de ober! Want tja, hij wist zich ook niet zo goed raad met de siutatie. Hij werd letterlijk voor de bus gegooid door zijn collega die ons van andere info had voorzien.
Don’t shoot de messenger. Don’t shoot de messenger. Don’t shoot de messenger.
Ik herhaalde dit direct als een mantra in m’n hoofd terwijl Mark het woord overnam. Die knul kon er natuurlijk helemaal niets aan doen, maar inmiddels hadden we echt rammelende magen.
Mark en ik zaten nog even in dubio aan het tafeltje te overleggen wat ons volgende plan zou worden, al kwamen we niet veel verder dan de conclusie dat er niets anders opzat dan te wachten tot later die avond. We wilden eigenlijk net weggaan, toen de ober terugkwam en ons iets duidelijk probeerde te maken. Net zoals de chauffeur van die morgen, sprak ook hij geen woord Engels, dus we pakten onze vertaalapp erbij.
Hij gaf aan dat hij wat fruit voor ons kon snijden en een vers sapje voor ons kon persen tot de kok zou arriveren. Hoe lief, dat scheelde ons weer in een boom klimmen om er een extra banaantje uit te plukken! Hier maakten we dan ook gretig gebruik van, fijn om de tijd op deze manier te overbruggen.
Een kwartiertje later kwam de ober terug met fruit én nieuws. Hij vertelde dat er die avond helemaal geen personeel zou komen. Hij gaf direct aan dat hij wel een beetje rijst wilde opwarmen en een omelet voor ons wilde maken. “YES, PLEASE”, zeiden wij beiden in koor.
Heel eerlijk gezegd smaakte deze omelet echt ontzettend goed. Fjeww, toch een beetje vulling voor de nacht. We waren helemaal blij en vooral heel benieuwd hoe de rest van ons verblijf hier zou verlopen.
CatCat village
De volgende morgen gingen we behoorlijk vroeg richting het ontbijt en we waren stiekem opgelucht dat het restaurant nu wel open was. We bestelden wat van de kaart en maakten ons daarna klaar om naar het authentieke dorpje in de buurt te lopen.
Het was een prima wandeling en het dorpje lag dan ook veel dichterbij het hotel dan we van tevoren dachten. Hoe dichterbij we kwamen, hoe meer tentjes er aan de kant van de weg stonden die eten verkochten. Suffies, na het nieuws van de receptioniste de dag ervoor, hadden we eigenlijk veel beter zelf nog even op onderzoek uit kunnen gaan.
Dit hebben we alleen niet gedaan, want tja… hongerklop, dus we waren blindelings op haar informatie afgegaan.
We hadden eerder van Dinh van de koffieworkshop begrepen dat, ondanks dat CatCat Village wel authentiek is, het inmiddels behoorlijk toeristisch is geworden en dat we er het beste zo vroeg mogelijk op de dag heen konden gaan. We waren er dan ook op maandagochtend en dit bleek echt een goede tip. Het was er namelijk verrassend rustig!

Met een entree van ongeveer één euro liepen we zo het dorpje in. Wederom zagen we allemaal dames borduren in hun kraampjes. Geen fabriekswerk, maar echt handwerk dat daar werd verkocht. Ook zagen we allerlei winkeltjes waar je authentieke kleding kon huren en je je vervolgens kon laten opmaken, inclusief een bijpassend kapsel, geheel volgens de traditionele stijl van de Hmong. Dit was dan ook de eerste keer dat het een toevoeging was om meerdere toeristen rond te zien lopen. Je kreeg namelijk de sfeer van het dorp heel goed mee!
We hoorden dat de woningen vanwege de bergachtige ondergrond op houten palen werden gebouwd. Hiervoor werd een interessante constructie gebruikt die als steiger fungeerde. Soms hield ik m’n hart vast als de bouwvakkers zich over de constructie verplaatsten. Alles op slippers, onbeschermd en ongezekerd. Wederom was dit hier de normaalste zaak van de wereld, terwijl het in Nederland echt ondenkbaar zou zijn.
We vonden de hele entourage van deze plek leuk, sfeervol. Er was zoveel te zien! Hoe later het in de ochtend werd, hoe drukker het begon te worden. Echt blij dat wij er zo vroeg waren, want wij hebben alles op ons gemaktje goed kunnen bekijken. Voor ons was het de hoogste tijd voor koffie, waar anderen begonnen met hun fotoshoot.
Een imponerend hallo
We liepen weer langzaam terug richting ons hotel en dit bleek een stuk pittiger dan de heenweg. Het zonnetje scheen fel en het was nu alleen maar heuvel op! Haha, we deden er dan ook behoorlijk wat langer over dan eerder die dag.
We kwamen onderweg nog een buffel met haar jong tegen die richting de rijstvelden sjokten. Waar ze er best imponerend uitzagen, liepen er continu lokale kindjes voorbij alsof het de normaalste zaak was. Wij volgden dan ook hun voorbeeld: observeren en nadoen.
Gekke start, toffe terugblik
Ondanks de gekke start qua eten, hebben we het hier ontzettend fijn gehad en vonden we het heel leuk om weer een andere kant van Vietnam te ontdekken. Een combinatie van authenticiteit en toerisme, dat wel. Juist op het land, vanuit ons hotel, kregen we veel van de plaatselijke gebruiken mee.
De manier hoe er gewerkt werd op het land, met de sterke hulp van buffels. Hoe graan werd gedroogd in de volle zon. Hoe de kindjes uren speelden met een vuilniszak aan een stokje die wapperde in de wind met hun blote voetjes in de modder.
Maar wat ons nog het meeste opviel was dat er geen geluid was. Geen getoeter, geen gekwek, geen ge-weet-ik-veel-wat. Volledige stilte, met af en toe een fluitend vogeltje.
Er hing een heel gemoedelijke sfeer en de omgeving was prachtig, zelfs met de mist.
Wat zijn er toch een contrasten in Vietnam!







Opmerkingen